De zaak draait om een bedrijf dat in 2013 zonnepanelen importeerde en daarbij Taiwan als oorsprong opgaf. Het Europees Bureau voor fraudebestrijding (OLAF) ontdekte echter dat de zonnepanelen uit China kwamen en slechts via een vrijhandelszone in Taiwan waren doorgevoerd.
Zonnecellen uit Taiwan
De Duitse importeur betoogde dat de zonnepanelen in China waren geassembleerd met zonnecellen uit Taiwan, waardoor ze volgens de regels als Taiwanees zouden moeten worden beschouwd. De Hoge Raad oordeelt echter dat dit verweer niet slaagt, omdat de importeur niet kon aantonen dat de in de zonnepanelen verwerkte zonnecellen daadwerkelijk uit Taiwan afkomstig waren.
Bovendien benadrukt de Hoge Raad dat de antidumpingverordening niet alleen geldt voor producten van Chinese oorsprong, maar ook voor producten die vanuit China worden verzonden.
Bewijslastverdeling
In zijn uitspraak verduidelijkt de Hoge Raad een belangrijk aspect van de bewijslastverdeling bij de jarenlange geschillen over antidumpingrechten die de voorbije jaren al tot vele tientallen rechtszaken leidde. Wanneer de douaneautoriteiten aannemelijk maken dat producten vanuit China zijn verzonden naar de Europese Unie (EU), geldt het antidumpingrecht automatisch.
De importeur kan deze heffing alleen ontlopen als hij bewijst dat de producten slechts in doorvoer door China zijn gegaan volgens artikel 5 van de Algemene Overeenkomst betreffende tarieven en handel (GATT-overeenkomst). In deze zaak was van doorvoer geen sprake, omdat de zonnepanelen in China waren geassembleerd. Het Duitse bedrijf bevestigde volgens de rechter met zijn eigen stellingen over de assemblagewerkzaamheden in China dat de zonnepanelen niet slechts in doorvoer waren.
De juni 2025-editie van Solar Magazine schenkt aandacht aan het installeren van zonnepanelen in oost-westopstellingen, verdienmodellen in het post-salderingstijdperk, agri-pv en offgrid pv-installaties.