logo
© Ossori Castillo | Dreamstime.com
© Ossori Castillo | Dreamstime.com
12 juni 2026

Onderzoekers wijzen op ontbreken concrete impact IMVO-convenant hernieuwbare energie

Het IMVO-convenant voor de Hernieuwbare Energiesector boekt vooruitgang, maar heeft nog onvoldoende aantoonbare impact in de praktijk. Dat is de conclusie van een onafhankelijke tussentijdse evaluatie van KU Leuven.

Binnen het internationaal maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO)-convenant voor de Hernieuwbare Energiesector werken bedrijven, overheid, maatschappelijke organisaties, vakbonden en kennisinstellingen samen om misstanden zoals dwangarbeid in de toeleveringsketen van windmolens en zonnepanelen aan te pakken. Het convenant werd 3 jaar geleden gelanceerd en nu geëvalueerd door het KU Leuven Research Institute for Work and Society.

Aantal deelnemers gegroeid
Het aantal deelnemende bedrijven is sterk gegroeid, van 16 bij de start naar 45 ondertekenaars afgelopen maart. Daarmee vertegenwoordigt het convenant een grote groep internationale bedrijven, met name uit de offshorewindsector. De onderzoekers stellen dat het IMVO-convenant zich onderscheidt van vergelijkbare initiatieven door de brede betrokkenheid van partijen uit de hele waardeketen, de combinatie van vrijwillige samenwerking en harde inkoopprikkels, en de ondersteuning door een onafhankelijk secretariaat.

Concreet is er vooruitgang geboekt op het gebied van beleidsontwikkeling, risico-identificatie en communicatie. Zonne-energiebedrijven maakten daarbij volgens de onderzoekers vanuit een lager vertrekpunt de grootste sprong voorwaarts. Windenergiebedrijven verbeterden geleidelijk en begonnen al op een hoger niveau. Bovendien zijn criteria voor verantwoord ondernemerschap inmiddels opgenomen in Nederlandse aanbestedingen voor offshorewindprojecten.

Onvoldoende resultaat
Ondanks die vooruitgang stellen de onderzoekers dat de meeste collectieve initiatieven zich nog in een vroege fase bevinden. Ze hebben vooralsnog slechts beperkt geleid tot aantoonbare verbeteringen voor arbeiders en gemeenschappen in de toeleveringsketen of voor het milieu. Concrete due diligence, het proces waarbij bedrijven risico’s in hun keten systematisch in kaart brengen en aanpakken, levert daarmee nog onvoldoende tastbare resultaten op.

De evaluatie waarschuwt voor het risico van vroegtijdige ‘afstudering’: bedrijven kunnen hoog scoren in het beoordelingssysteem omdat hun procedures op orde zijn, zonder dat dit aantoonbaar leidt tot betere omstandigheden op de werkvloer. Meer aandacht voor concrete uitkomsten, zoals lonen, veiligheidscijfers en het feitelijk aanpakken van misstanden, is volgens de onderzoekers noodzakelijk.

China als struikelblok
Een structureel knelpunt is de dominante positie van China in de toeleveringsketens van zonne-energie. De onderzoekers wijzen op 3 problemen: een gebrek aan transparantie over de herkomst en productieomstandigheden van ingekochte materialen, risico’s op gedwongen arbeid in de Chinese productieketen die worden ontkend of verborgen, en het ontbreken van alternatieve leveranciers door het vrijwel volledige monopolie van China op bepaalde onderdelen van de keten van zonnepanelen. Dit gaat volgens de onderzoekers het vermogen van individuele bedrijven of het collectief te boven.

Waar in de offshorewindsector IMVO-criteria inmiddels worden meegewogen bij aanbestedingen, ontbreekt in de zonne-energiesector een vergelijkbaar mechanisme volledig. Bedrijven in die sector krijgen wel hoge verwachtingen opgelegd, maar hebben weinig invloed op hun eigen inkoopmarkt en nauwelijks financiële prikkels om te investeren in verantwoord ondernemen. De onderzoekers adviseren om dit te herstellen, bijvoorbeeld door IMVO-criteria te koppelen aan subsidies of raamcontracten.

5 aanbevelingen
De evaluatie doet 5 aanbevelingen. Ten eerste: verscherp het beoordelingssysteem zodat het ook meet of verbeteringen daadwerkelijk doorwerken in de praktijk. Ten tweede: zorg voor duidelijkere afspraken over collectieve acties, zodat bedrijven en maatschappelijke organisaties weten wat van hen wordt verwacht. Ten derde: versterk de inkoopprikkels voor alle sectoren. Ten vierde: betrek overheden en andere partijen actiever bij het convenant, ook om problemen aan te pakken die individuele bedrijven niet alleen kunnen oplossen. Tot slot: zorg voor blijvende aansluiting bij Europese en nationale regelgeving, zoals de bedrijfszorgplichtrichtlijn, de Richtlijn bedrijfsduurzaamheidsrapportage en de Verordening gedwongen arbeid.

De evaluatie beschrijft het convenant als een geloofwaardig platform voor samenwerking en kennisuitwisseling. Toekomstig succes hangt er volgens de onderzoekers van af of het convenant erin slaagt verbeterde procedures daadwerkelijk om te zetten in tastbare voordelen voor mens en milieu.

Deel dit artikel:

Nieuwsbrief

Meld u aan voor de nieuwsbrief met het laatste nieuws!
Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen en heb de privacy policy gelezen.

Laatste Nieuws

Bekijk al het nieuws

Meest gelezen

Producten