logo
© Vlaams Parlement
© Vlaams Parlement
7 juli 2026

Vlaanderen weigert papieren aanvraag voor Mijn VerbouwPremie in te voeren

Minister Hans Bonte ziet de mogelijkheid een papieren aanvraag in te dienen voor de Mijn VerbouwPremie niet zitten. Ook de beroepstermijn van 1 maand, die de Vlaamse Ombudsdienst te kort noemt, blijft ongewijzigd.

Minister Hans Bonte ziet de mogelijkheid een papieren aanvraag in te dienen voor de Mijn VerbouwPremie niet zitten. Ook de beroepstermijn van 1 maand, die de Vlaamse Ombudsdienst te kort noemt, blijft ongewijzigd.

De Vlaamse Ombudsdienst is een sterke voorstander van digitale processen, maar wil ook dat de burger die digitaal niet meekan niet uit het oog wordt verloren. In zijn jaarverslag 2025 herhaalt de Ombudsdienst dan ook de aanbevelingen uit vorige jaarverslagen voor een papieren aanvraagmogelijkheid en een langere beroepstermijn, wat de toegankelijkheid van Mijn VerbouwPremie ten goede zou komen.

Zo laagdrempelig mogelijk
De Ombudsdienst pleit ervoor om beroepsmogelijkheden zo laagdrempelig mogelijk en voldoende ruim te maken, en actief alle kansen te bieden om alsnog de nodige bewijselementen in te dienen of zaken te regulariseren.

Uit het klachtenbeeld over Mijn VerbouwPremie blijkt dat de beroepstermijn van 1 maand in de praktijk te kort is. Vlaams parlementslid Mieke Claes (NV-A) vroeg minister Hans Bonte daarom hoe hij deze aanbevelingen concreet zal opvolgen, of hij een papieren aanvraagprocedure overweegt, en of hij de beroepstermijn zal verlengen.

Niet haalbaar
Volgens de minister is het invoeren van een papieren aanvraagmogelijkheid op dit ogenblik niet haalbaar. Een volwaardige parallelle papieren aanvraagprocedure heeft belangrijke implicaties voor procesinrichting, verwerking, controle, beveiliging en doorlooptijd, en kan de uniformiteit en efficiëntie van de behandeling onder druk zetten. De minister deelt wel de bekommernis dat Mijn VerbouwPremie toegankelijk moet blijven voor iedereen, wat wordt gewaarborgd via ondersteuning en begeleiding voor wie digitaal niet meekan.

Daarbij wordt nog steeds ingezet op hulp via de woonloketten en energiehuizen, die burgers kunnen ondersteunen bij het correct indienen en vervolledigen van hun aanvraag. In de praktijk doen zich soms technische problemen voor, onder meer bij aanvragen door een bewindvoerder; in deze gevallen kan de aanvrager terecht bij het nummer 1700, dat doorverbindt met een back-officemedewerker om het probleem te verhelpen. Deze situaties zijn volgens de minister echter hoogst uitzonderlijk en op zich niet het gevolg van digitale drempels.

Beroepstermijn een afweging
De minister begrijpt dat de Vlaamse Ombudsdienst aangeeft dat een beroepstermijn van 1 maand in sommige gevallen als kort wordt ervaren. De gekozen beroepstermijn is volgens hem echter een evenwicht tussen rechtsbescherming voor de aanvrager en een vlotte finale afhandeling van dossiers, inclusief tijdige betaling van de premie. Een verlenging van de beroepstermijn zou tot gevolg hebben dat de betaling van de premie voor alle dossiers later kan plaatsvinden, wat de doorlooptijd voor een grote groep burgers nodeloos kan verlengen.

Als toch zou worden uitbetaald vóór het verstrijken van een langere beroepsperiode, verhoogt dat het risico op bijkomende correcties en terugvorderingen. Een substantieel deel van de beroepen is namelijk een vraag tot het annuleren van de premieaanvraag, om vaak op een later tijdstip opnieuw te kunnen indienen.

Al ruimte voor aanvulling
Daarnaast is het volgens de minister belangrijk te benadrukken dat de aanvrager ook vóór de beroepsfase al kansen krijgt om ontbrekende bewijsstukken aan te leveren. Ook tijdens de beroepsbehandeling kan opnieuw bijkomende tijd worden gegeven om stukken te bezorgen, en kan beroep worden ingediend ook al zijn nog niet alle bewijsstukken beschikbaar, om de beroepstermijn te vrijwaren. Deze informatie is ook gedeeld met de energiehuizen en woonloketten, zodat ook zij de burger kunnen aanraden tijdig in beroep te gaan, ook al heeft deze nog niet alle bewijsstukken in bezit.

Op dit moment ziet de minister, gelet op dit evenwicht en de bestaande mogelijkheden om dossiers tijdens de behandeling en in beroep nog te vervolledigen, geen aanleiding om de beroepstermijn generiek te verlengen. Hij zegt het Vlaams Parlement wel toe om de signalen uit de klachtenbehandeling en de praktijk op te volgen en in te zetten op heldere communicatie over hersteltermijnen, beroepsmogelijkheden en de wijze waarop aanvragers tijdig de nodige stappen kunnen zetten.

Deel dit artikel:

Nieuwsbrief

Meld u aan voor de nieuwsbrief met het laatste nieuws!
Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen en heb de privacy policy gelezen.

Laatste Nieuws

Bekijk al het nieuws

Meest gelezen

Producten