
Het FNA rekent 3 configuraties door om de bandbreedte van het flexibiliteitstekort in kaart te brengen. Configuratie C1 is bewust conservatief: geen extra grensoverschrijdende flexibiliteit, en beperkte toegang tot niet-gecommitteerde binnenlandse productie. C1 is daarmee geen basisscenario maar een gevoeligheidsanalyse die laat zien wat er gebeurt als de meest gunstige opties wegvallen. In die configuratie loopt de ongedekte behoefte in 2030 op tot maximaal 6,4 gigawatt. In totaal zijn er 929 uren waarin de behoefte ongedekt blijft, oftewel 10,6 procent van het jaar.
Gas en grensoverschrijdende flexibiliteit
Configuratie C2 voegt hieraan toe dat maximaal 5 gigawatt aan niet-gecommitteerde, bestaande Nederlandse gasgestookte centrales (red. combined cycle gas turbines, ook wel stegcentrales) beschikbaar wordt gesteld, rekening houdend met het vermogen dat al op de day-aheadmarkt is ingezet. Dat lost een groot deel van het tekort op: het maximale ongedekte vermogen daalt naar 3,5 gigawatt.
Configuratie C3 gaat nog een stap verder door ook grensoverschrijdende flexibiliteit mee te nemen, tenzij buurlanden zelf in schaarste verkeren. Daarmee daalt het resterende tekort naar 3,2 gigawatt.
Avond- en ochtendpiek
Het tekort aan kortetermijnflexibiliteit concentreert zich op vaste dagdelen. De ongedekte kortetermijnflexibiliteitsbehoefte doet zich vooral voor tijdens kritieke ochtend- en avonduren. Daarbij spelen voorspelfouten in de elektriciteitsvraag en de productie van windmolens en zonnepanelen een rol, in combinatie met de beschikbaarheid van flexibel vermogen.
Er is ook een concentratie in de ochtend, wanneer de vraag oploopt en het flexibiliteitsaanbod nog beperkt is.
Bestaande capaciteit telt
De vergelijking tussen C1 en C2 laat zien dat de beschikbaarheid van 5 gigawatt niet-gecommitteerd gascentralevermogen een grote invloed heeft op de berekende resterende flexibiliteitsbehoefte. Het gaat daarbij om bestaande centrales, niet om nieuwbouw.
Batterijen en vraagsturing blijven in alle 3 de configuraties beschikbaar. De netbeheerders gaan voor 2030 uit van 8,7 gigawatt geïnstalleerd batterijvermogen, waaronder grootschalige batterijen, thuisbatterijen en elektrische auto's die stroom kunnen terugleveren. Daarnaast rekenen zij met 0,8 gigawatt aan vraagsturing. De daadwerkelijke beschikbaarheid van deze flexibiliteit verschilt per moment.
2035: grotere opgave
Richting 2035 neemt de druk toe. In configuratie C1 stijgt het maximale flexibiliteitstekort naar 8,6 gigawatt. De groei van het opgestelde vermogen aan zonnepanelen en de toenemende variabiliteit in de productiemix vergroten de behoefte aan opwaartse flexibiliteit – wat betekent dat het elektriciteitssysteem snel meer stroom beschikbaar kan maken wanneer er een tekort dreigt – in de avond- en ochtenduren.
Maak Solar & Storage Magazine jouw voorkeursbron in Google
Met een nieuwe functie van Google bepaal je zelf welke bronnen je als eerste ziet wanneer je zoekt naar nieuws. Volg ons en mis nooit meer het laatste nieuws over zonne-energie en energieopslag.
De juni 2026-editie van het tijdschrift Solar & Storage Magazine is uit. Dit nummer staat in het teken van de beurs Sustainable Solutions Kortrijk, het naderende einde van de salderingsregeling en thuisbatterijen.